De magie van het blauwe pakkie

Het verschil tussen de hogere en lagere klassen in het voetbal zit ‘m niet alleen in voetbalkwaliteiten. Vaak kun je aan de outfits waarmee de spelers een sportpark op komen lopen al een redelijke inschatting maken van het niveau waar ze op spelen. Het is een van de randzaken van het voetballen waarover ik graag een anekdote met jullie wil delen.

Van niets naar iets

In de vijfde klasse traint iedereen meestal in zijn eigen sportkleren. Niet alleen zie je daardoor snel wie er voor Ajax, Feyenoord of PSV is, ook ziet het trainingsveld eruit als een allegaartje van kleuren, prints en sponsorlogo’s.

Toen ik bij FC Eindhoven kwam voetballen, in de winterstop van het seizoen 2013/2014, kreeg ik een trainingsshirt en -trui. In het begin was ik supertrots. Een echte clubtrui, en een shirt om in te trainen! Als ik in mijn outfit naar de club reed voelde ik me alsof ik het Nederlands elftal al gehaald had. Maar op de momenten dat ik met het eerste elftal mocht meetrainen, was ik er toch iets minder blij mee.

Hoewel het de bedoeling van onze trainingskleding was om ook het tweede team wat aanzien te geven, werd de kloof tussen onze beide elftallen pijnlijk duidelijk. Niet alleen leken onze truien sinds de jaren ’80 niet meer van de plank te zijn gehaald, ook hadden ze in het logo op de borst de oude clubnaam ‘Eindhoven AV’ (amateurvereniging) staan, in plaats van het prestigieuze ‘FC Eindhoven’,  dat op de shirts van het eerste elftal stond.

En als Veerle (een teamgenoot uit het tweede) en ik dan een keer aan mochten sluiten bij de wedstrijdselectie van het eerste, voelden we ons net twee zwarte schapen in een witte massa. Terwijl de andere speelsters rondliepen in hun perfecte pakjes, met jassen, truien, jacks, shirts, broekjes en sokken helemaal in dezelfde tint ‘Eindhoven-blauw’, hobbelden wij er achteraan in onze te grote, lelijke, zwarte truien. Het was alsof we op ons voorhoofd geschreven hadden staan ‘WIJ HOREN EIGENLIJK NIET IN DIT TEAM’.

Paraderen in Portugal

Toen het eerste elftal in mei van dit jaar meedeed aan een tweedaags, internationaal toernooi in Lissabon, mocht ik mee. Het was geweldig. Niet in de laatste plaats omdat, vanwege het feit dat ik nu op pad was met het eerste team, ik vier dagen non-stop rond mocht paraderen in een volledig FC Eindhoven-pakkie. We trokken veel bekijks op het vliegveld, twintig van die smurfen met een logo op hun borst, die veel lawaai maakten en massaal de rij ophielden bij de Starbucks.

Selfie @ Lissabon
Wat doe je als je op pad bent met de ‘blauwe brigade’? Selfies maken, natuurlijk…

Sinds dit seizoen heeft de hele selectie van Eindhoven, zowel het eerste als het tweede team, een volledig tenue gekregen. Twee trainingsshirts, lange en korte broek, twee paar sokken, trui, regenjas, de hele mikmak. En hoewel ook dat snel went, kan ik het af en toe nog niet laten om in mijn clubkleren naar de sportschool te gaan. Alsof het mijn manier is om tegen de buitenwereld te zeggen ‘Zie je wel, jullie dachten dat het helemaal niks met me ging worden, en nu voetbal ik gewoon voor FC Eindhoven, kun je ’t zien?’. Het slaat nergens op, dat snap ik ook wel, maar het is moeilijk af te leren als je je plotseling deel uit voelt maken van iets waar je als speelster in de vijfde klasse nooit van had durven dromen. Dus, lieve lezer, als u in de komende tijd een meisje in een veel te grote, dikke, blauwe FC Eindhoven-jas naar de sportschool ziet fietsen, wees dan een beetje mild voor haar. Op een dag heeft haar ego het niet meer nodig, en dan trekt ze gewoon haar eigen winterjas weer aan.

Bedankt voor het lezen, tot snel! 🙂

Emma

RSS
Facebook
Facebook
INSTAGRAM